De moeder tijdens de kraamperiode

Bloedverlies na de bevalling

Na de bevalling is het normaal dat je gedurende 4 tot 6 weken bloedverlies hebt. Dit komt omdat de placenta een ‘wonde’ heeft achtergelaten in de baarmoeder. Het is belangrijk dat de baarmoeder goed samentrekt tot als het ware een harde bol. Op deze manier wordt het bloedverlies beperkt. De eerste dagen zal het zijn zoals een hevige menstruatie, en na een tijdje heb je eerder donkerrood/bruin bloedverlies zoals op de laatste dagen van je menstruatie. Zowel de hoeveelheid als de kleur van het bloed kunnen variëren.

Enkele tips bij hevig, abnormaal bloedverlies:

  • Ga onmiddellijk en vaak plassen
  • Start borstvoeding of tepelstimulatie
  • Masseer de baarmoeder zachtjes
  • Leg ijs op de buik
  • Indien geen verbetering optreedt: best naar het ziekenhuis vertrekken
  • Indien je bloedverlies (abnormaal) ruikt en/of je twijfelt: raadpleeg steeds je arts of vroedvrouw.

 

Kraamtranen of babyblues

Kraamtranen (ook gekend als “babyblues”) komen meestal voor op rond derde of vierde dag na de bevalling. De geboorte van een kind is een emotioneel gebeuren. Het kan overigens zijn dat je erg moe bent en ergens pijn hebt. Je bent dol op je baby, maar je hebt het gevoel dat je dit allemaal niet gaat aankunnen.
Het kan je overkomen dat je zonder directe aanleiding huilbuien krijgt en dat je je prikkelbaar, angstig of emotioneel voelt. Dit is een normale reactie en elke kersverse mama maakt dit mee, in mindere of meerdere mate.

Tips:

  • Geef jezelf de tijd om te wennen aan de nieuwe situatie, aan je baby. Laat deze verwarrende gevoelens toe. Een goede huilbui kan soms ook opluchting bieden.
  • Streef realistische doelen na in de verzorging van je baby en huishouden.
  • Aanvaard hulp als die wordt aangeboden, vraag eventueel kraamhulp aan.
  • Neem elke dag wat tijd voor jezelf en probeer voldoende te rusten.
  • Eet evenwichtig.
  • Ontken deze gevoelens niet, zoek hulp als je die nodig hebt. Die kan je al vinden door te praten met je partner, je moeder, zus of vriendinnen of eventueel een vroedvrouw of arts.

Bij blijvende gevoelens van neerslachtigheid, aarzel niet om je vroedvrouw of arts te contacteren.

 

Je intieme verzorging na de bevalling

Na de bevalling kan het zijn dat je een scheurtje op knipje hebt. Ook zal je gedurende 4 tot 6 weken nog bloedverlies hebben. Daarom is het belangrijk je schaamstreek goed te verzorgen door ze regelmatig te spoelen of zitbadjes te nemen.

Enkele tips:
Spoel jezelf na elk toiletbezoek

  • In de douche
  • Of met een flesje lauw water op het toilet (soort: plastic waterflesje 25 cl met sportdop)
  • Na het spoelen dep je de schaamstreek droog

Maandverband

  • Regelmatig verversen aangezien je veel bloed verliest en meer kan zweten
  • Luchtig, dik maandverband van het klassiek type, liefst zonder plastic laagje en niet-geparfumeerd

Je kan ook een zitbad met kamille (Kamillosan®) nemen

  • Vanaf de eerste dag na de bevalling
  • Gedurende ongeveer 10 minuten
  • Geen beperking in frequentie
  • 1 maatje Kamillosan® in badwater

 

Ik heb een knip of scheur

Een knip of scheur vraagt wat tijd om te helen. Indien je last hebt van je knip contacteer dan een vroedvrouw of je arts om het te laten nakijken en tips te krijgen rond een betere heling.

Dit zijn enkele tips voor de verzorging:

  • Spoelen en droogdeppen na elk toiletbezoek.
  • Maandverband regelmatig verversen.
  • Kies voor luchtig, dik maandverband van het klassiek type en liefst zonder plastic laagje (bv. Vania) (geen Always)
  • Bij blijvende, abnormaal voelende pijn neem je wat pijnmedicatie. Bij enig teken van infectie raadpleeg je je arts of vroedvrouw.

 

Vrijen na de bevalling

Na de bevalling kan het zijn dat jij, noch je partner een tijdje geen zin hebt in seks.
Sowieso wacht je best met betrekkingen tot ong. 6 weken na de bevalling. Vanaf dan is je baarmoederhals terug gesloten en heb je normaal gezien geen bloedverlies meer.
De eerste maal vrijen na de bevalling kan wat pijnlijk of ongemakkelijk zijn. Contacteer je arts of vroedvrouw indien dit langere tijd blijft duren. Glijmiddel kan hierbij al helpend zijn.

 

Anticonceptie na de bevalling

Wanneer je borstvoeding geeft zijn er zowel hormonale als niet-hormonale anticonceptiva die kunnen worden gebruikt. Overleg met je gynaecoloog of huisarts welk voorbehoedsmiddel het meest geschikt is.

W.b. hormonale anticonceptiva:
Voor borstvoedende moeders is het aangewezen om te kiezen voor een anticonceptiepil die geen oestrogenen maar enkel een laag gedoseerd progestageen bevat, m.n. de minipil (progesterone-only pil).

Belangrijk bij de minipil is dat ze elke dag op het zelfde tijdstip moet genomen worden, en dat er geen stopweek is. Als de pil op deze manier gebruikt wordt is ze zeer betrouwbaar.
Je start met deze minipil best vanaf 3 weken na de bevalling.

Niet-hormonale anticonceptie methoden zijn: het condoom, het koperspiraaltje (pas gebruiken vanaf 6 weken na de bevalling!) of periodieke onthouding.

Wanneer je kunstvoeding geeft zal je menstruatie sneller terugkeren. Je kan elk voorbehoedsmiddel gebruiken, steeds in overleg met je arts.

 

Workshopkalender

No event found!

Afspraak maken?

016 20 77 40

Waar ben ik welkom om borstvoeding te geven?

Deze website maakt gebruik van cookies om statistieken bij te houden via Google Analytics. Door op ‘accepteren’ te klikken, ga je hiermee akkoord. Meer informatie hierover vind je in onze Privacy Statement.
Accepteren
Afwijzen
Privacy Policy